De veer van Zwarte Piet

Bonk! Bonk! Bonk! Boven in het huis klinkt een hoop lawaai.
Wat hoor ik? roept Katinka.
Laten we maar gaan kijken, zegt mama.
Katinka’s raam staat open. Het lijkt wel of er iemand in haar kamer geweest is!
Hé, roept Katinka. Er ligt een cadeautje! En snoep!
In de kamer van Boris ligt ook een cadeautje. En ook snoep.
Ik denk dat zwarte piet geweest is, zegt mama.
Ja, dat denkt Katinka ook.

Ineens zien ze poes Brannie met een grote witte veer in haar bek.
Die lijkt wel van de muts van zwarte piet! zegt Katinka.
Stoute Brannie! Heb je die gepakt?
Mama denk dat zwarte piet hem verloren heeft toen hij door het raam klom.
Arme piet! Nou heeft hij geen veer meer op zijn muts!

Katinka en Boris spelen met de veer.
De beer mag hem even op zijn wollen muts.
En poes Brannie rolt ermee over de grond.
Ik heb een idee! roept Katinka. Als Sinterklaas op mijn school komt ga ik de veer teruggeven.

Dat is een heel goed idee. Mama stopt de veer in haar jaszak en dan fietsen ze naar school. Maar als ze bij de school komen, kan mama de veer niet meer vinden! Hij is weggewaaid! Mama schrikt.
Wat moeten we nou tegen Sinterklaas zeggen? Je hoeft niet bang te zijn, zegt Katinka. Ik zal het wel zeggen.

Als Katinka bij Sinterklaas op schoot zit, vertelt ze hem alles.
Sinterklaas lacht. Zwarte piet heeft allang een nieuwe veer gekregen! Maar waar is die domme mama? Daar! wijst Katinka.

Kom jij ook maar even op mijn schoot zitten, wenkt Sinterklaas. Mama moet een liedje zingen en dan krijgt ze een paar pepernoten. Je bent wel groot en zwaar geworden, zucht Sinterklaas. Nu wil ik weer een kindje op schoot!
Mama lacht. Ze is niet meer bang voor Sinterklaas.